Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

Raadsvergadering

donderdag 21 april 2016

21:30 - 23:30
Locatie

Grote Zaal vergadercentrum Schepenmakersdijk 16 Edam

Voorzitter
de heer W.J.F.M. van Beek
Agenda documenten

Agendapunten

  1. 1

  2. 2

  3. 3

  4. 4

  5. 5

    Besluit

    Het verslag ongewijzigd vast te stellen.

    Voorstel no. 38-2016

  6. 6

    Besluit

    1. Het bestemmingsplan “Zuidpolder-Oost, 6e partiële herziening 2015”, bestaande uit de geometrische bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0385.BPZPOost6eHerz2015-VG01, met de GBKN-ondergrond
      o_ NL.IMRO.0385.BPZPOost6eHerz2015-VG01_GBKN25112015 en de bijbehorende toelichting, regels en bijlagen vast te stellen;
    2. Te besluiten géén exploitatieplan, als bedoeld in artikel 6.12 van de Wro, vast te stellen;
    3. Burgemeester en wethouders of (een) door hen aan te wijzen ambten(a)ar(en) te machtigen tot het zo nodig voeren van verweer voor de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

    Voorstel no. 39-2016

  7. 7

    Besluit

    I. te verklaren dat een bestemmingsplan wordt voorbereid voor het buitengebied van de gemeente Edam-Volendam, zoals dit gearceerd is aangegeven op de bij dit besluit gevoegde tekening;


    II. te verklaren dat krachtens artikel 3.7, vierde lid Wet ruimtelijke ordening voor het gebied I als aangegeven op de bij dit besluit gevoegde tekening het verboden is het feitelijke gebruik van gronden, opstallen en bouwwerken, zoals dat (legaal) bestond op het moment van inwerkingtreding van dit besluit te wijzigen in een ander gebruik; onder een ander gebruik wordt ook verstaan een wijziging in omvang of intensiteit;


    III. te bepalen, dat het conform artikel 2.1 lid 1 sub b van de Wet algemene bepalingen omgevingswet (Wabo) verboden is binnen gebied I zoals gearceerd aangegeven op de bij dit besluit gevoegde tekening, zonder of in afwijking van een schriftelijke omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren (een en ander met uitzondering van normale onderhoudswerkzaamheden):
    a. het ontginnen, bodem verlagen of afgraven, ophogen, egaliseren, scheuren van grasland;
    b. het graven, dichten, verdiepen of verbreden van sloten, greppels, beken en andere waterpartijen en het aanleggen van reservoirs;
    c. het aanleggen van dammen/dambruggen met duikers en of daarbij horende nieuwe inritten en verwijderen van bestaande dammen en of (dam)bruggen;
    d. het verbreden, verharden, aanleggen en het aanbrengen van wegen, paden of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen;
    e. werken of werkzaamheden, die direct gericht zijn op het storten, deponeren of op een andere wijze opslaan van baggerspecie, grond, puin of afvalmateriaal;
    f.

    1. buiten de erven van de bedrijfsgebouwen en woningen:
      het opslaan, lozen of storten van al dan niet afgedankte of aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, stoffen of producten alsmede het aanleggen of inrichten van opslag -, stort - of bergplaatsen, behoudens voor zover een en ander noodzakelijk is:
    • in verband met het beheer gericht op de instandhouding van de landschappelijke waarden van de gronden, en een en ander bovendien niet betreft afgedankte of aan hun oorspronkelijk gebruik onttrokken voorwerpen of producten, of
    • voor de uitoefening van het agrarisch bedrijf indien en voor zover deze uitoefening reeds plaats vond op een tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit en een en ander bovendien niet betreft afgedankte landbouwvruchten - en produkten;
      2 binnen de erven van bedrijfsgebouwen en woningen:
      het opslaan of deponeren buiten de gebouwen van een of meer aan hun gebruik onttrokken machines, voer -, vaar -, of vliegtuigen, alsmede het opslaan van gerede of onklare machines, voer -, vaar -, of vliegtuigen, dan wel het aanleggen van opslagplaatsen daarvoor;
      g. het aanleggen of inrichten van sport, wedstrijd of speelterreinen, banen, maneges, paardenbakken met daarbij horende voorzieningen als hekwerken,lichtmasten e.d., kampeer- of caravanterreinen, dagcampings, lig - of speelstranden, lig - of speelweiden, zwemgelegenheden en baad - of speelvijvers en aanbrengen van recreatievoorzieningen;
      h. het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse leidingen, constructies, installaties of apparatuur, met uitzondering van erfafscheidingen met een maximale hoogte van 0,75 m; onder leidingen, constructies, installaties en apparatuur worden mede begrepen recreatieve voorzieningen, zoals een bank, een afvalbak of een wegwijzer; onder leidingen, constructies, installaties en apparatuur worden niet begrepen voorzieningen die noodzakelijk zijn voor of verband houden met het beheer, gericht op de instandhouding van landschappelijke of natuurwetenschappelijke waarden van grond, dan wel de uitoefening van het agrarisch bedrijf, indien en voor zover deze uitoefening reeds plaats vond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit;
      i. werken of werkzaamheden ten behoeve van of verband houdende met het oprichten of plaatsen van - al dan niet aan hun bestemming onttrokken - voer -, of vaartuigen, arken, caravans en living-vans voor zover deze niet als bouwwerken zijn aan te merken, als ook tenten;
      k. het aanleggen of inrichten van havens of centra voor de watersport en het aanbrengen of aanleggen van oeverbeschoeiingen van kaden of van aanlegplaatsen voor boten en of steigers;
      l. werken of werkzaamheden welke wijzigingen van de waterhuishouding of de waterstand beogen of ten gevolge hebben, tenzij een keurontheffing is afgegeven door het betreffende in het gebied van toepassing zijnde Waterschap;
      m. het aanbrengen van afbeeldingen of tekens voor commerciële doeleinden;
      n. het vellen, rooien of beschadigen van houtgewassen, het aanbrengen van beplantingen en het bebossen van gronden die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit besluit niet als bosgronden konden worden aangemerkt;
      o. het innemen van een ligplaats voor woonschepen;
      IV. te bepalen dat de hierboven genoemde werken en werkzaamheden onder III (zonder omgevingsvergunning, of te wel aanlegvergunning) toelaatbaar zijn voor:
    • het uitvoeren van werken of werkzaamheden die het normale onderhoud en beheer betreffen ten dienste van de huidige bestemming;
    • werken en werkzaamheden die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit en in overeenstemming zijn met de op dat moment geldende regelgeving, waaronder tenminste wordt verstaan het voorbereidingsbesluit d.d. 21 mei 2015;
    • werken die noodzakelijk zijn in verband met het normale beheer/onderhoud van water(partijen) en een goed water en peilbeheer;
    • de werken die noodzakelijk zijn in het kader van en met het oog op noodzakelijke werken ten behoeve van versterking van dijken en waterkeringen;
      V. te bepalen dat de benodigde omgevingsvergunning (aanlegvergunning), bedoeld in de aanhef onder III, in ieder geval wordt geweigerd:
    • indien de werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden de grond minder geschikt maken voor de verwezenlijking van de bij het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan te geven bestemming(en);
    • als gevolg van die werken en werkzaamheden de waterstaatsbelangen onevenredig worden geschaad;
    • daardoor, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen, schade wordt toegebracht aan de landschappelijke, natuurwetenschappelijke (ecologische) of cultuurhistorische waarde van het gebied waarvoor dit voorbereidingsbesluit van kracht is;
      VI. te bepalen dat, voordat over het verlenen van een omgevingsvergunning besloten wordt, voor werkzaamheden waarvoor ingevolge de geldende Keur een keurontheffing benodigd is, eerst de keurontheffing dient te zijn afgegeven door de betreffende in het gebied werkzame waterbeheerder;
      VII. te bepalen dat, indien het vermoeden bestaat dat de voorgenomen werken en werkzaamheden mogelijke gevolgen heeft voor de kwaliteit van het (grond)water en het (grond)waterpeil er alvorens er omtrent het verlenen van een omgevingsvergunning wordt besloten, burgemeester en wethouders eerst schriftelijk advies inwinnen bij de in het gebied werkzame waterbeheerder en de eventueel te stellen voorwaarden;
      VIII. te bepalen dat dit voorbereidingsbesluit in werking treedt op 29 april 2016 en dat een kennisgeving daarvan vooraf wordt gedaan in de NiVo, Ons Streekblad, de Staatscourant, de gemeentelijke website en via elektronische weg;
      IX. te bepalen dat het voorbereidingsbesluit met planidentificatie NL.IMRO.0385.vbBuitengebied-oh07 conform de artikelen 1.2.1 tot en met 1.2.6 Bro in elektronische vorm is vastgelegd en in die vorm is vastgesteld;

    Voorstel no. 40-2016

  8. 8

    Besluit

    te adviseren aan het Commissariaat voor de Media dat het programmabeleidsbepalende orgaan van de lokale omroep LOVE een zodanige samenstelling heeft dat het representatief is voor de belangrijkste in de gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen.

    Voorstel no. 41-2016

  9. 9

    Besluit

    1. In te stemmen met de eerste begrotingswijziging 2016 van de GGD Zaanstreek-Waterland en hier een positieve zienswijze op toesturen.
    2. In de begroting 2016 de bijdrage GGD Z-W 2016 te verlagen met € 8.855;
    3. Er kennis van te nemen dat bovengenoemde per saldo leidt tot een verhoging van het saldo onvoorzien voor 2016 ter hoogte van € 8.855;
    4. De bovengenoemde financiële consequenties mee te nemen in de Voorjaarsnota 2016, m.d.v. dat de financiële consequenties pas meegenomen en verwerkt worden na besluitvorming door het bestuur van de GGD.

    Voorstel no. 42-2016

  10. 10

    Besluit

    1. In te stemmen met de kadernota 2017 van de GGD Zaanstreek-Waterland en hiervoor bijgevoegde brief te verzenden naar de GGD. In de brief staat dat u instemt met de kadernota, met uitzondering van de nieuwe ontwikkelingen. Het GGD-visiedocument wacht u voor nadere discussie af.
    2. De kosten deels te dekken uit reeds geraamde budgetten;
    3. De bijramingen 2017 e.v. ten last te brengen van het saldo onvoorzien 2017 e.v.
    4. De bovengenoemde meerjarige financiële consequenties mee te nemen in de voorjaarsnota 2016; m.d.v. dat de financiële consequenties pas meegenomen en verwerkt worden na de besluitvorming door het bestuur van de GGD (dat is niet bij de Voorjaarsnota).
    5. Wanneer de vastgestelde begroting 2017 van de GGD Z-W is ontvangen de geraamde gemeentelijke bijdragen in de begroting 2017 van Edam-Volendam aan te passen.

    Voorstel no. 43-2016

  11. 11

    Besluit

    1. De verordening outplacement gewezen burgemeester en wethouders Edam-Volendam 2011, laatstelijk vastgesteld op 29 september 2011, per 1 januari 2016 in te trekken;
    2. De verordening outplacement gewezen wethouders 2007 gemeente Zeevang, laatstelijk vastgesteld op 15 mei 2007, per 1 januari 2016 in te trekken
    3. De verordening outplacement gewezen burgemeester en wethouders Edam-Volendam 2016 per 1 januari 2016 vast te stellen.

    Voorstel no. 44-2016

  12. 12